Jolijn Reinhoudt voerde vorig jaar twintig kennismakings-gesprekken met Zeeuwse ondernemers. In 2010 staat de teller alweer op vijf. Samen met andere Syntensadviseurs wil ze dit jaar over de vloer komen bij honderd ondernemingen in de kustprovincie. Gedurende het hele project, van halverwege 2008 tot eind 2011, moeten in Zeeland 350 bedrijven de kans hebben gekregen te proeven van het bestaande netwerk van organisaties om ondernemers te helpen.
“Tijdens zo’n eerste sessie probeer je gauw een beeld te krijgen van een onderneming”, zegt ze. “Welke ambities heeft een bedrijf? Wat zijn struikelblokken om die waar te maken? Kan er hulp worden geboden vanuit De ToekomstBedrijven? Je bespreekt meestal thema’s als marketing, strategie, personeel, ICT en wet- en regelgeving.”
Vorige week had Reinhoudt nog maar koud plaatsgenomen bij een ondernemer, of ze had al twee verbindingen geopperd. Ze vertelt: “De man was met zijn bedrijf verhuisd en speelde met de gedachte op het oude terrein garageboxen of woonunits te vestigen. Hij wilde graag meer informatie over wet- en regelgeving ten aanzien van vergunningen. En wat waren de consequenties wanneer hij de bestemming van de groenstrook zou wijzigen? Ik ken de wet- en regelgeving niet tot in detail, maar weet wel dat in zo’n geval ter compensatie elders nieuw groen moet worden aangeplant. De Kamer van Koophandel en de Provincie Zeeland kunnen daar het fijne over vertellen.”
De ondernemer meldde eveneens te overwegen in een havengebied ‘bewaakt slapen voor vrachtwagenchauffeurs in hun auto’ te verwezenlijken, inclusief was- en eetgelegenheid. Reinhoudt: “Het gaat om een grootschalig project waarvoor een aantal partijen nodig is. Typisch iets waarin NV Economische Impuls een ondersteunende rol kan spelen, want er is bijvoorbeeld een projectplan gewenst en het zou nuttig zijn de subsidiemogelijkheden te bekijken.”
Niet alleen ondernemingen zijn gebaat bij De ToekomstBedrijven, de uitvoerders zelf plukken er volgens Reinhoudt ook de vruchten van. “Provincies, ontwikkelingsmaatschappijen, Kamers van Koophandel en Syntens kunnen zich op deze manier nog beter van hun taken kwijten. Je klopt bij een ondernemer niet aan met een verhaal vanuit het perspectief van je eigen organisatie dat mogelijk al snel abstract klinkt. Nee, je kunt vraag gestuurd werken vanuit het gezichtspunt van de ondernemer, zodat vanzelf en heel concreet duidelijk wordt wat één of meer organisaties kunnen betekenen voor het bedrijf.”