Syntens aan de basis van cluster met perspectief op aanleg biogas-leidingnetwerk
Recente ontwikkelingen duiden op een groeiend perspectief voor de toepassing van biovergisting in de agrarische sector. Een onderzoek dat Syntens samen met agrariërs heeft laten uitvoeren wijst uit dat het haalbaar lijkt om in Flevoland reststromen van agrarische bedrijven duurzaam en rendabel te verwerken.
Bij biovergisting, ook wel co-vergisting genoemd, wordt biogas gewonnen uit een mengsel van mest en organische stoffen. Het digestaat dat resteert, kan worden gebruikt als meststof op het land. Door dit natuurlijke afbraakproces onder geconditioneerde omstandigheden te laten verlopen, neemt de hoeveelheid biogas toe. Dit biogas kan met behulp van een warmtekrachtkoppeling-installatie worden omgezet in duurzame elektriciteit en duurzame warmte.
Duurzame ambities
Innovatieadviseurs Harry Hoogewoonink en Jeroen Beekhuizen zagen in 2007 goede mogelijkheden voor grootschalige biovergisting in zuidelijk Flevoland. Deze provincie heeft zichzelf de ambitieuze doelstelling opgelegd om in 2013 minimaal 60% van haar energiebehoefte duurzaam te produceren. Volgens Jeroen Beekhuizen komt de opwekking van duurzame energie in Flevoland op dit moment voor een belangrijk deel voor rekening van windenergie. "En met de oplevering van een nieuw windpark in Urk op stapel, zit windenergie daar wel zo'n beetje aan het plafond van haar mogelijkheden binnen de huidige wettelijke beperkingen. Daar komt nog bij dat er in zuidelijk Flevoland zo'n 170 akkerbouwers en 65 veeteeltbedrijven actief zijn. Met elkaar verbruiken die veel energie, terwijl ze eveneens grote hoeveelheden reststromen produceren. Biovergisting leek ons kortom een serieus alternatief."

Mogelijkheden onderzoeken
De Syntens-adviseurs kregen de provincie Flevoland aan hun zijde, die begin 2008 een subsidie ter beschikking stelde om de mogelijkheden van biovergisting te onderzoeken. Nadat in het najaar van 2008 een grote groep melkveehouders en akkerbouwers een door Syntens georganiseerde informatie-bijeenkomst over biovergisting bezocht, is een cluster geformeerd met vertegenwoordigers van melkveehouders en akkerbouwers. Het onderzoek dat de werkgroep heeft laten verrichten naar de kwantiteit van reststromen in zuidelijk Flevoland en naar het meest geschikte type biovergister met een grote capaciteit, leidde tot een opmerkelijke conclusie.
Jeroen Beekhuizen: "Het lag in de lijn der verwachting dat één grote biovergister economisch het meest rendabel zou zijn. Het onderzoek wees echter anders uit. Niet alleen bleek de capaciteit van de vier bestaande en twee geplande vergistingsinstallaties voldoende, ook toonde het onderzoek aan dat kleine installaties eerder rendabel kunnen worden geëxploiteerd dan een grote." Ook werd duidelijk dat het verstandiger is om de bestaande vergisters te koppelen dan op elke locatie apart een kleine vergister te realiseren. Het biogas dat ontstaat bij de vergisting van reststromen resulteert bij verbranding in elektriciteit en warmte. "Bij de huidige initiatieven gaat deze warmte verloren," aldus Beekhuizen. Door een biogasleiding aan te leggen creëer je de mogelijkheid om het biogas te verbranden op de plek waar je de warmte goed kunt benutten, bijvoorbeeld door woonwijken of glastuinbouwbedrijven op dit netwerk aan te sluiten. " Met de afronding van het onderzoek treedt Syntens op de achtergrond en gaat de Ontwikkelingsmaatschappij Flevoland een vervolgproject opzetten om gedetailleerde plannen uit te werken. Inmiddels is men er al druk mee bezig.
Samenwerking cruciaal
Jeroen Beekhuizen is blij met de gang van zaken. "Veel agrariërs in zuidelijk Flevoland zijn enthousiast over de mogelijkheden. Er hebben recent alweer meerdere bijeenkomsten plaatsgevonden met de betrokkenen. Dat is veelzeggend." De innovatieadviseur benadrukt het belang van samenwerking bij een project als dit. "De veetelers hebben een mestprobleem terwijl de akkerbouwers gebaat zijn bij de beschikbaarheid van goede grondstoffen voor de bemesting van hun land. Ook moeten zij hun reststromen op een verantwoorde manier afvoeren. Als gevolg van een geplande aanpassing in de Mestwet, die er toe zal leiden dat akkerbouwers de wijze van bemesting steeds moeten afstemmen op de actuele nutriëntenhuishouding van hun grond, worden de eisen die aan het digestaat worden gesteld, ook steeds strenger." Bang voor wettelijke beperkingen bij de aanleg van het stelsel van biogasleidingen is Beekhuizen niet. "Er is goed nagedacht over het tracé. De leidingen zullen nagenoeg uitsluitend over het land van de betrokken agrariërs lopen."